Mag een opzegtermijn van twee maanden? Ja — maar er hoort iets tegenover te staan
Een opzegtermijn van twee maanden voor de werknemer mag, mits schriftelijk overeengekomen. Daar hoort dan een werkgeverstermijn van minstens vier maanden bij. Staat die er niet, dan kun je het beding vernietigen.
Gepubliceerd op ·4 min leestijd
Ja, twee maanden mag — maar niet zomaar. De wettelijke opzegtermijn voor de werknemer is één maand (artikel 7:672 lid 4 BW). Daarvan afwijken kan alleen schriftelijk, de termijn voor de werknemer mag hoogstens zes maanden zijn, en tegenover een verlengde werknemerstermijn moet de termijn voor de werkgever ten minste het dubbele zijn. Twee maanden voor jou betekent dus vier maanden voor je werkgever.
Dat laatste is waar het in de praktijk misgaat. En als het misgaat, gaat het in jouw voordeel mis.
Het meest voorkomende geval: twee maanden voor allebei
Veruit de meeste contracten met een verlengde termijn zeggen iets als: "Beide partijen nemen een opzegtermijn van twee maanden in acht." Dat ziet er eerlijk uit — gelijke monniken, gelijke kappen — en het is precies de constructie die de wet niet toestaat. Twee maanden voor de werknemer vereist vier maanden voor de werkgever, niet twee.
Wat is dan het gevolg? Niet dat de werkgeverstermijn automatisch verdubbelt naar vier maanden. De Hoge Raad heeft uitgemaakt dat zo'n beding vernietigbaar is (HR 1 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1192, Flextronics Logistics). De werknemer kan het beding vernietigen, en dan valt je opzegtermijn terug op de wettelijke één maand. De werkgever kan zich er niet op beroepen om jou aan twee maanden te houden.
Het werkt dus maar één kant op. Een ongeldig verlengingsbeding levert de werknemer een kortere termijn op, niet de werkgever een langere.
Wanneer die twee maanden wél gewoon gelden
Vernietigen kan alleen als er iets mis is met het beding. Staat er netjes twee maanden voor jou en vier maanden voor je werkgever, schriftelijk vastgelegd, dan is dat geldig en zit je eraan vast.
Let ook op wie de opzegtermijn heeft. Twee maanden is namelijk óók een heel normale werkgeverstermijn: die loopt op met je dienstjaren (artikel 7:672 lid 2 BW).
| Duur dienstverband | Werkgever | Werknemer (wettelijk) |
|---|---|---|
| korter dan 5 jaar | 1 maand | 1 maand |
| 5 tot 10 jaar | 2 maanden | 1 maand |
| 10 tot 15 jaar | 3 maanden | 1 maand |
| 15 jaar of langer | 4 maanden | 1 maand |
Zit je vijf tot tien jaar bij dezelfde werkgever, dan hoort daar dus van rechtswege een werkgeverstermijn van twee maanden bij. Daar hoeft niets voor te zijn afgesproken, en die termijn geldt voor hen, niet voor jou.
De cao gaat voor
Voordat je iets vernietigt: controleer eerst je cao. Een cao kan van de wettelijke termijnen afwijken en gaat dan voor op zowel de wet als je contract. Staat er in de cao een termijn van twee maanden voor de werknemer, dan is de discussie over verdubbeling meestal niet meer relevant — die route loopt via de cao, niet via artikel 7:672 BW.
Volgorde van lezen: cao, dan arbeidsovereenkomst, dan de wet.
Hoe je je hierop beroept
- Lees het beding letterlijk over. Staat de werkgeverstermijn er überhaupt in? Is die minstens het dubbele van die van jou? Is alles schriftelijk?
- Beroep je er schriftelijk op. Vernietiging gaat niet vanzelf: je moet het inroepen. Eén heldere zin in je opzegbrief of een aparte e-mail volstaat — bewaar het bewijs van verzending.
- Zeg op met één maand, tegen het einde van de kalendermaand.
- Twijfel je? Vraag het na bij een jurist, je vakbond of het Juridisch Loket voordat je opzegt. Zeg je op met een te korte termijn terwijl het beding tóch geldig blijkt, dan ben je een vergoeding verschuldigd ter hoogte van het loon over de resterende termijn (artikel 7:672 lid 11 BW). Dat is precies het bedrag dat je probeerde te besparen, plus gedoe.
Reken het einde van de maand goed uit
Ook met een verlengde termijn geldt: er wordt opgezegd tegen het einde van de kalendermaand, tenzij schriftelijk een andere dag is afgesproken (artikel 7:672 lid 1 BW). Met twee maanden opzegtermijn betekent dat:
- Zeg je op 10 maart op, dan eindigt het dienstverband op 31 mei — niet op 10 mei.
- Zeg je op 31 maart op, dan eindigt het op 31 mei. Dezelfde einddatum, drie weken later opgezegd.
- Zeg je op 1 april op, dan schuift het door naar 30 juni.
Eén dag te laat kost dus een volle maand. Dat effect is bij twee maanden hetzelfde als bij één, alleen duurder.
Kort samengevat
- Twee maanden voor de werknemer mag, schriftelijk, tot maximaal zes maanden.
- Daar hoort dan minimaal vier maanden voor de werkgever bij.
- Staat die dubbele termijn er niet — bijvoorbeeld bij "twee maanden voor beide partijen" — dan is het beding vernietigbaar en houd jij één maand.
- De werkgeverstermijn verdubbelt daarbij niet automatisch.
- De cao kan het hele plaatje overrulen. Lees die eerst.
Lees ook: de volledige opzegtermijnen op een rij · wat er in een ontslagbrief moet
Zelf opzeggen
Onze ontslagname-brief zet de opzegging ondubbelzinnig op papier, met een concrete einddatum, de termijn waarop je je beroept, en het verzoek om de eindafrekening en een getuigschrift.